Algemeen

Orthopedie algemeen

Orthopedie in dierenkliniek ’t Ossehoofd

Kennis van problemen aan de botten en de gewrichten wordt ook wel de orthopedie genoemd. Bij honden en katten is dit inmiddels een uitgebreid specialisme. Hierdoor kunt u voor de behandeling van dit soort problemen niet bij iedere dierenartspraktijk terecht. Niet alleen voor het opereren maar ook voor het stellen van de juiste diagnose is kennis en ervaring met alle type operatietechnieken van groot belang.
Binnen dierenkliniek ’t Ossehoofd heeft dierenarts D.L.van Os veel ervaring met de chirurgie en de orthopedie. Naast specifieke orthopedische kennis en ervaring vergt operatie ook de aanwezigheid van orthopedische apparatuur, een betrouwbare narcose die ook indien nodig langdurig veilig kan worden gegeven, operatiekamer faciliteiten en een vaardige hand om deze complexe operatieve ingrepen tot een goed einde te brengen. Voor het slagen van veel operaties is daarnaast ook een goed nazorg van belang. De eerste uren of dagen bij ons op de kliniek maar veelal ook nog een langere periode door u als eigenaar. Hierbij is niet alleen een goed begeleiding van u als eigenaar nodig maar moet ook waar mogelijk rekening gehouden met uw omstandigheden en het karakter van uw huisdier.
Voor een jonge drukke hond die op een bovenverdieping woont is een operatie waarbij 2 maanden geen trappen mag worden gelopen geen gelukkige keuze. Dit is van belang bij de keuze van een operatie (TPLO komt dan eerder in aanmerking als TTA). Bij een fractuur is een plaat dan vaak steviger dan een pin. Dierenkliniek ’t Ossehoofd kan bogen op een ruime en jarenlange ervaring met orthopedische operaties bij honden en katten. Ongeacht welke operatie aan gewrichten of beenderen moet worden verricht, uw hond is bij ons in goede en deskundige handen. Niet alleen de operatie en goede nazorg, maar ook voor een goed advies om soms niet te opereren!

Osteosynthese van botbreuken

Osteosynthese is het operatief verbinden van botweefsel door middel van platen, pinnen, schroeven enzovoorts. Door 20 jaar operatie aan gewrichten en botten is veel kennis opgedaan met allerlei technieken bij diverse soorten botfracturen. Wij zijn in het bezit van een scala aan apparatuur en osteosynthese materialen zodat wij in spoedeisende situaties snel en doeltreffend kunnen handelen. De kliniek staat positief maar kritisch tegenover nieuwe ontwikkelingen. Daarnaast zoeken we samen met u naar een oplossing welke niet alleen bij uw huisdier past maar ook bij uw financiële mogelijkheden. Platen en schroeven zijn in veel gevallen een optimale behandeling, maar zelden de enige behandeling. Mede door de hoge kosten van implantaten moet er ons inziens dus ook altijd ruimte zijn voor het bespreken van alternatieve behandelmethoden.
Dankzij onze ruime ervaring op dit gebied, kunnen wij samen met u een afgewogen beslissing nemen waarbij we rekening houden met het karakter van uw huisdier, uw persoonlijke mogelijkheden, de verzorging van het dier en uw financiële situatie. Zie bijvoorbeeld de mogelijkheden voor de behandeling van een bekkenfractuur van de kat.

Platen en pennen: wanneer wel en wanneer niet?

Er zijn vele vormen van ostheosynthese. Platen, allerlei schroef typen zoals corticale, spongiosa, malleolus schroeven, klein fragment schroeven, beenmergpennen, externe fixaties en cerclagedraad (wikkeldraad).
Grofweg kunnen twee verschillende benaderingen worden onderscheiden: de reconstructie en de functionele benadering.

Reconstructie benadering

Bij de reconstructie benadering wordt getracht alle botdelen en fracturen zo goed mogelijk op de originele plaats te krijgen en vast te zetten. Dit gebeurt meestal met platen of inwendige pinnen. Het op zijn plaats leggen van de puzzelstukjes en deze verbinden met schroeven en platen, cerclagedraad (wikkeldraad) en pinnen is jarenlang de standaardbenadering geweest (zie de illustratie hieronder).

Voordeel:

  • Bij een geslaagde ingreep zal de hond of kat snel weer kunnen lopen.

Nadelen:

  • Infecties of problemen met botschilfers of splinters die door gebrek aan bloedvoorziening afsterven of in aanwezigheid van vreemd materiaal niet willen genezen.
  • Er blijft materiaal achter in het lichaam dat later klachten kan opleveren en dan moet worden verwijderd.
  • Het verwijderen van vreemd materiaal kan indien dit is ingebakken in het genezingsproces van het bot zeer tijdrovend en daardoor kostbaar zijn.

Functionele benadering

Bij de functionele benadering wordt het breukgebied juist zoveel mogelijk met rust gelaten. De verbinding tussen de uiteinden van de botten wordt buiten het breukgebied om gemaakt. Deze methode is een beetje te vergelijken met een spalk, maar heeft niet de nadelen van een spalk (zie verder).

Voordelen:

  • Het (uitwendige) materiaal (zie hieronder de foto van een achterbeen van een Friese stabij) is makkelijk en daardoor goedkoop te verwijderen.
  • Het grootste voordeel is dat ook gecompliceerde (= open/geïnfecteerde) breuken hiermee behandeld kunnen worden.
  • Omdat de verbinding iets minder rigide (stijf) is wordt het lichaam veel meer gestimuleerd tot een snelle genezing. Hierdoor is de tijd dat een implantaat ondersteuning moet bieden veel korter (4-8 wk) dan bij een plaat (tot wel 0,5-1 jaar). Hierdoor treden er minder complicaties op en de complicaties die optreden zijn bovendien makkelijker te verhelpen. De totale kosten van de behandeling zijn hierdoor beter in te schatten en zijn, hoewel ook nog aanzienlijk, daardoor toch vaak lager.

Nadelen:

  • Het duurt vaak wat langer (tot enkele weken) voordat de hond of kat er weer op kan lopen.
  • De hond of kat kan met de constructie blijven haken. Deze moet dus goed beschermd worden. De hond of kat kan gedurende de genezing (4 tot 8 weken) beter niet buiten komen.
  • De snelle genezing gaat gepaard met de vorming van een callus. Een (tijdelijke) botbrug. Er moet wel ruimte zijn voor een duidelijke callus. In onderstaand voorbeeld is dit het geval omdat de fractuur halverwege het bot zit. Fracturen rond of in gewrichten zijn op deze wijze niet te behandelen.

Samenvatting: voordelen en nadelen

De functionele- of externe methode heeft de voorkeur bij open en geïnfecteerde fracturen, maar wint ook veel terrein bij complexe fracturen met veel fragmenten. Juist het op zijn plaats leggen van de fragmenten zoals in de reconstructie benadering wordt gedaan, blijkt de kans op complicaties te verhogen. Bovendien is de genezing veel sneller. Platen moeten vaak een half jaar of langer zitten voor een goede genezing. Bij de functionele methode is 4 tot 6 weken meestal voldoende.
De functionele methode ziet er wél enger uit dan een plaat die netjes en onzichtbaar onder de huid is weggewerkt. Het dier heeft er vaak wonderlijk weinig tot geen last vast. Een kat met zo’n externe fixatie kan natuurlijk niet zonder begeleiding naar buiten.
Vaak zijn er meerdere oplossingen mogelijk waarbij naast de voorkeur van de chirurg, alle argumenten meegewogen moeten worden.

Spalk

De spalk wordt in de diergeneeskunde maar weinig gebruikt. Een spalk vergt naast veel kennis van het aanleggen ervan een regelmatig controle. Door beweging en gebruik, maar ook door transpireren, schuren en nat worden van de huid, treden snel problemen op. Eerstelijns praktijken hebben meestal weinig ervaring met het behandelen van fracturen en verwijzen fracturen liever door naar de orthopedisch specialist. Orthopedisch specialisten zijn vooral gespecialiseerd in operatieve behandeling met platen en schroeven en zitten vaak ook te ver weg om een regelmatige controle mogelijk te maken.

  • Klassieke spalk (rondom)
    De klassieke spalk, waarbij het gebroken ledemaat rondom wordt ingegipst, zoals die bij mensen nog veel wordt gebruikt is bij dieren zelden geschikt. De vorm van de poten, het zweten tussen de tenen en het type breuk maken het rondom gipsen van een poot bij hond of kat zelden verantwoord. Immers, het genezingsproces kan niet gevolgd worden en dieren geven drukkingen of gevoelloos worden van de tenen niet aan. Jonge dieren hebben een razendsnelle botgenezing. Dit komt omdat het bot al in de groei is. Indien het een relatief rustige pup betreft kan spalken een goede keuze zijn. Bovendien hebben eigenaren van pups vaak al veel tijd vrij gepland voor de intensieve zorg. Een ander voordeel van een spalk is dat door de groei implantaten zoals pinnen en platen al snel niet meer passen zijn en daardoor kort na het aanbrengen de groei van de botten al belemmeren.
  • In dit voorbeeld een spiraalvormige breuk van het onderbeen van een jonge hond. Doordat het kuitbeen nog heel is worden de beide botdelen door de spieren niet langs elkaar getrokken (contractuur). Bij deze jongen hond kon de spalk al weer na 18 dagen verwijderd worden. Een dergelijke fractuur bij kittens kan zelfs met uitsluitend hokrust volledig genezen. Op de linkerfoto is de röntgenopname direct na de breuk te zien. De rechterfoto is een opname na 18 dagen.

  • Halfzijdige spalk
    Een ander alternatief is de halfzijdige spalk. Deze is vooral geschikt voor rechte breuken vanaf de pols en lager. De poot wordt hierbij in een op maat gemaakt halfrond gootje gelegd en met gewone verbandmiddelen hierin vastgemaakt. De genezing is hierdoor redelijk te volgen. De tenen kunnen vrij blijven voor controle op doorbloeding en gevoel.
  • Thomas-spalk
    Breuken van het bovenbeen en breuken die schuin verlopen of uit meerdere stukken bestaan (vaak door aanrijdingen) zijn ongeschikt voor de hierboven genoemde spalkmethode. Hiervoor is een onbekend maar zeer goed bruikbare alternatieve spalkmethode: de Thomas-spalk.
    De Thomas-spalk is een uitwendig lichtmetalen raamwerk waarin de verschillende delen van het gebroken bot met tape worden vastgezet. Op deze wijze kunnen de botdelen op de juiste afstand en in de juiste richting tegenover elkaar worden geplaatst (functionele repositie). Dit spalken gebeurt onder narcose maar dus zonder operatie!
    Een ander voordeel van de Thomas-spalk is dat de poot zichtbaar blijft en dus goed is te controleren op drukkingen en zwellingen. Het is een zeer bruikbare methode voor bijna alle fracturen van de langere beenderen van voor- en achterbenen van de kat. Deze methode is bovendien goedkoper dan de operatieve methoden.

Voorbeeld van een Thomas-spalk
Als voorbeeld een schuine breuk van het onderbeen van het achterbeen van een kat. Doordat de fractuur van het onderbeen schuin is, kan deze poot niet worden gezet. Door de kracht van de spieren worden de beide helften dan langs elkaar getrokken waardoor de poot (veel) te kort wordt en de puntige delen makkelijk door de huid kunnen prikken. De poot zou op deze wijze niet goed aan elkaar groeien en te kort worden.

Open fracturen en geïnfecteerde fracturen (ook wel gecompliceerde fracturen genoemd)

Met gecompliceerde fracturen wordt niet, zoals abusievelijk wel eens gebeurd, fracturen bedoeld die ingewikkeld zijn. Open fracturen of gecompliceerde fracturen zijn fracturen waarbij botdelen geïnfecteerd zijn geraakt tijdens het ontstaan van de breuk. Dit kan bijvoorbeeld komen doordat de botdelen door de huid steken of hebben gestoken. Een infectie kan ook ontstaan doordat deze via een (bijt)wond in het bot terecht is gekomen. Open fracturen kunnen zeer lastig te genezen zijn. Om een inschatting te kunnen maken hoe lastig dit is wordt naast de infectie ook de ernst van de breuk bij de beoordeling betrokken.
Alle inwendige materialen, of dit nu een plaat of een pin is, moeten onder strikt steriele omstandigheden worden aangebracht. Kenmerk van open fracturen is nu juist dat er een open wond is zodat deze steriele omstandigheden niet meer aanwezig zijn. Implantaten zijn dan minder geschikt omdat ze dan zouden worden aangebracht in geïnfecteerd gebied. Daarnaast groeit geïnfecteerd weefsel domweg niet aan elkaar. Bijkomend probleem is dat antibiotica slecht doordringt in botweefsel. Bij open fracturen die door middel van een plaat of een externe fixatie aan elkaar zijn gezet zal dan ook vaak geen genezing optreden. Er kan dan gekozen worden voor een “tijdelijke spalk” gedurende 1-2 maanden totdat de genezing zichtbaar is begonnen en dus de infectie ten einde is gekomen. Hierna kan er dan alsnog met behulp van een plaat een definitieve genezing bereikt worden. Dit is een lang proces dat veel zorg en geduld van de eigenaar vergt en veel vertrouwen in de behandelend dierenarts. Ook lopen de kosten enorm op bij deze open fracturen.

Bekkenfracturen bij de kat vaak eenvoudig te behandelen

Bekkenfracturen bij de kat komen zeer vaak voor en zijn gewoonlijk het gevolg van een aanrijding. Het bekken vormt een vierkant en verbind de rug met de beide achterpoten. Tevens vormt het bekken een doorgang voor ontlasting en urine, en bij poezen de doorgang voor de geboorte van kittens. Bekkenfracturen zien er op een röntgenfoto vaak dramatisch uit maar hoeven veel minder vaak operatief behandeld te worden dan algemeen wordt gedacht. Van veel groter belang bij de beoordeling van bekkenfracturen is het controleren op verlammingen. Als gevolg van bekkenfracturen kunnen de achterpoten verlamd zijn, maar veel ernstiger zijn problemen met de blaas. Met ervaring en de juiste timing zijn bekkenfracturen goed te reponeren (oftewel te ‘zetten’). In combinatie met 3 tot 6 weken bench-rust zijn deze uitstekend te genezen. Hieronder een röntgenfoto van het bekken van een kat. De breuk is een week na de aanrijding gezet en met rust genezen. Kosten van de behandeling (narcose, zetten van de breuk en het maken van een controlefoto) bedroegen ongeveer €100. Belangrijk is wel dat dit op het goede moment gebeurt Niet te snel na de aanrijding als de kat nog aan het herstellen is van de klap en er nog onvoldoende zekerheid is over eventuele verlamming en de blaasfunctie. Maar er mag ook zeker niet te lang (4 tot 6 weken na de aanrijding) worden gewacht omdat dan de botdelen al op een verkeerde manier aan elkaar groeien. Het loont dus de moeite om contact met ons op te nemen als een operatie met reconstructie van de de bekkenfractuur met behulp van platen te kostbaar is.
Ook als door ons gekozen wordt voor een operatieve benadering, bijvoorbeeld als beide helften van het bekken van de rug los zijn, kan vaak worden volstaan met het vastzetten van een gedeelte en kan de rest door middel van rust over worden gelaten aan de natuur. Zie ook bekkenkomfracturen.
Een aparte categorie vormen bekkenfracturen waarbij de breuk doorloopt tot in het heupgewricht of waarbij tevens de kop van het bovenbeen is afgebroken. Vaak is dit prima te genezen door een combinatie van repositie, rust en een eenvoudige, corrigerende operatie van het heupgewricht op een later tijdstip.